Advertentie

Sun Microsystems introduceert dinsdag het resultaat van Project Blackbox, een alles-in-één datacentrum ter grootte van een zeecontainer. Later in 2007 kunnen klanten de oplossing bestellen. Door de onthulling steekt ook een intrigerend oud Google-gerucht de kop weer op.

Het ontwerp combineert in beperkte ruimte alles wat een datacentrum nodig heeft: waterkoeling, elektriciteit en – uiteraard – de mogelijk een professionele internetverbinding aan te sluiten.

Tegenover de New York Times zegt Sun-topman Jonathan Schwartz dat hun oplossing gericht is op bedrijven die het groeitempo van de databehoefte zelf willen bepalen. Een zeecontainer is dan niet zo fraai als een stenen gebouw, maar een datacentrum kan snel en tegen lage kosten worden gerealiseerd. “Een parkeerplaats is heel erg goedkope grond”, aldus Schwartz.

Wie toch nog een extra fysieke beveiligingslaag wil, kan de container ook in een bestaand pand of magazijn opnemen. Door de relatief compacte vorm kan het datacentrum (mee-)verhuizen of op exotische locaties als een boorplatform worden geplaatst.

De New York Times kreeg een rondleiding door de container, waarop Sun inmiddels vijf patenten heeft aangevraagd. De container kan maximaal zeven rekken met elk 35 servers kwijt. Er is geavanceerde waterkoeling aan boord, er zijn bewegingssensoren om ongeautoriseerde toegang te ontdekken en er is een knop voor noodgevallen.

Volgens Sun ligt tussen het plaatsen, aansluiten en ingebruikname hooguit vijf minuten.

In oktober 2005 sloten Google en Sun Microsystems een samenwerkingscontract, letterlijk “om elkaars technologieën te promoten en de distribueren”. Nauwelijks een maand later repte de meestal goed ingelichte IT-columnist Bob Cringely over een zeecontainer in een parkeergarage onder het Google-pand.

Cringely schreef: “Google huurde een paar heel intelligente industriële ontwerpers om te zien hoe je het grootste aantal processors, de meeste opslagruimte, geheugen en stroomverzorging in één doos stopt. We hebben het dan over vijfduizend Opteron-chips en 3,5 petabyte aan dataopslag, klaar om ‘s nachts te worden afgeleverd via een trailer.”

Ook de New York Times vroeg naar de Google-verbinding, maar Schwartz hield daarover zijn mond. Prijzen van het zeecontainer-datacentrum beginnen op een half miljoen dollar. Dat betekent dat Google er zonder problemen enkele honderden van zou kunnen aanschaffen.

De afgelopen jaren kocht Google massaal dark fiber, wel aangelegd maar ongebruikt glasvezel. Veel mensen vroegen zich af wat Google met zoveel op het oog nutteloos glas moest. Het is voorlopig speculatie, maar het lijkt erop dat Bob Cringely gelijk krijgt met zijn voorspelling: “Het idee is om deze jongens neer te planten overal waar Google toegang heeft tot glasvezel, waar het hele internet één gigantisch verwerkings- en opslagnetwerk wordt.”

Advertentie