Er zijn nog te weinig vrouwen tewerkgesteld in de STEM-sector, volgens de deelnemers van het panelgesprek op Salesforce Essentials. Drie zakenvrouwen lieten het achterste van hun tong zien over onder andere het glazen plafond, de lekkende pijplijn en vrouwenquota.

Advertentie

 
Vrouwen op de werkvloer; het blijft een heikel discussiepunt. Op het eerste zicht lijkt de situatie sterk verbeterd te zijn in de laatste jaren, maar de genderkloof blijft gapen. Vrouwen moeten nog steeds opboksen tegen onrealistische verwachtingen gebaseerd op het rollenpatroon, in een bovendien overwegend mannelijke werkomgeving, zeker in de IT-sector.
 
Op de conventie Salesforce Essentials in Mechelen werd daarom een panelgesprek ingepland met drie vrouwen die een succesvolle carrière uit de grond stampten, en van dichtbij de kloof tussen zakenman en -vrouw konden aanschouwen. Polly Sumner, chief adoption officer bij Salesforce, sprak over het centrale probleem: de “leaky pipeline”.

De lekkende leiding

De lekkende leiding is in essentie de reden waarom het aantal vrouwen in STEM-sectoren ondermaats blijft. Van het totaal aantal vrouwen dat het traject via opleiding en arbeidsmarkt doorlopen, blijft slechts een klein deel over om een functie te bekleden op een hoger niveau. Dat komt omdat de pijplijn, de metafoor voor het traject, lekt. Met andere woorden: diverse obstakels verhinderen velen om de pijplijn tot het einde te doorlopen en een leidinggevende functie te bereiken.
 
“Er is een sterke concentratie van vrouwen in Salesforce, maar daar hebben we zelf voor moeten zorgen,” verklaart Polly Sumner. “We weigerden meetings te houden tenzij er minstens 30 procent vrouwen aanwezig waren. Daarnaast zorgden we ervoor dat de lonen volledig gelijk waren, voor mannen, vrouwen en expats. Als we die maatregelen niet treffen, en geen voorbeeld stellen, kunnen we nooit uit die ‘leaky pipeline’ geraken.”
 
“Natuurlijk zijn vrouwen anders dan mannen op het gebied van biologie, maar dat is iets dat al honderden jaren gebruikt wordt om ons een achterstand te bezorgen,” meent Isabella Lenarduzzi, oprichter en managing director van JUMP, een organisatie die zich inzet om de genderkloof te dichten. “We zijn oftewel moeder, oftewel niemand. En dat is een lastige zaak, want is dit te wijten aan biologie en cultuur? In ieder geval willen we meer roze op de werkvloer, waarmee ik natuurlijk niet wil zeggen dat elke vrouw roos moet dragen, maar eerder dat we als vrouw onszelf kunnen zijn in onze functie, en niet een ‘mannenpak’ moeten dragen.”
 
IMG_20160621_093014
 

Vrouwenquotum

Quota worden vaak aangedragen als een mogelijke oplossing om het aantal vrouwen in de STEM-sectoren op te krikken. Marie-Noëlle Keijzer, mede-oprichter en CEO van WeForest, is het daarmee eens, maar maant aan tot voorzichtigheid. “Misschien zijn quota een goede oplossing, maar in sommige sectoren kunnen vrouwen daarmee in een verkeerde positie belanden. In politieke functies gaat het bijna niet anders; je moet die sector een duwtje in de rug geven of het zal niet beteren. In bedrijven zijn we genoodzaakt om zulke dingen te meten. Je wilt geen vrouw aannemen omdat ze vrouw is.”
 
Een quotum invoeren is daarom een oplossing waar we voorzichtig mee om moeten springen, menen de gesprekspartners. Toch is het een optie waar de nodige aandacht aan besteed moet worden: geen kant-en-klare antwoord, maar een langetermijnsplan om de lekkende pijplijn te dichten. En of die vrouwen nodig zijn, is wel duidelijk. “Naar mijn mening heeft iemand die denkt dat zijn bedrijf competitief kan zijn zonder ongeveer vijftig procent van de hersenen op aarde, een blinde vlek in zijn visie,” besluit Sumner. “Je kan erop rekenen dat ze falen.”

Advertentie