Een Nederlands onderzoek zegt dat de rechters te weinig afweten van ICT. Maar hoe is het in België gesteld? Moet u vrezen voor een dwaling wanneer u voor een software- of internetgeschil naar de rechtbank moet? Een rondvraag bij enkele advocaten geeft al snel een heel genuanceerd beeld. Perfect is het niet, maar met een […]

Advertentie

Een Nederlands onderzoek zegt dat de rechters te weinig afweten van ICT. Maar hoe is het in België gesteld? Moet u vrezen voor een dwaling wanneer u voor een software- of internetgeschil naar de rechtbank moet?

Een rondvraag bij enkele advocaten geeft al snel een heel genuanceerd beeld. Perfect is het niet, maar met een beetje goede wil geraak je al heel ver. “Wanneer je pleit voor een magistraat op een paar jaar van zijn pensioen, dan moet je niet verwachten dat hij weet wat IP-adressen, Twitter of Facebook zijn,” zegt Stephane Criel, advocaat bij Van Eeghem & Criel.

“Het kan zijn dat de rechter internet enkel kent voor het raadplegen van de wetgeving. Maar je kan hen niet dwingen om expert te worden in ICT net zoals je dat ook niet kan voor de bouw.”

Gespecialiseerd waar mogelijk
Een magistratuur waar elke rechter weet wat caching, IP-adressen, retweets en SaaS is, lijkt dus een utopie. Maar een groot probleem lijkt er vooralsnog niet te zijn.

“Het kan gebeuren dat iemand de mist ingaat, maar dat is niet specifiek voor IT-zaken. Doorgaans doen mensen hun werk goed en schakelen ze desnoods een expert in. Een structureel probleem is er niet,” zegt Advocaat Bart Van den Brande van Sirius Legal.

Ook Criel ziet geen groot probleem. “Het hangt altijd af van de rechter en die kies je niet. Er zijn geen gespecialiseerde rechtbanken voor ICT, wel zijn er magistraten die interesse kunnen hebben in die materie. Vaak is er dan ook een kamer die specifiek zaken rond intellectueel eigendom behandelt.”

Rechtszaken rond nieuwe media of informatietechnologie worden dus niet systematisch behandeld door gespecialiseerde rechters. Al proberen de rechtbanken dat wel in de mate van het mogelijke te doen.

“De kennis over een onderwerp kan variëren maar in de Rechtbank van Koophandel in Antwerpen hebben we een magistraat die daarin gespecialiseerd is. Die rechter behandelt alles rond intellectuele eigendomsrechten en we proberen er voor te zorgen dat alle zaken rond IT bij hem terechtkomen” bevestigt André Buysse, persrechter bij de Rechtbank van Koophandel in Antwerpen.

Voer voor de expert
Maar wat als de rechter totaal niet weet waar het om gaat? In de meeste gevallen wordt er dan een expert ingeschakeld. “Dat kan gaan om een geschil met een softwarebedrijf over bugs of de inhoud van de software. Dat leidt in negen op de tien gevallen tot een expertise,” zegt Van den Brande.

“Vaak moet hij dan software nakijken, fouten tellen en kijken in welke mate iets overeenkomt met het contract.”

Wel blijft de opdracht van de expert strak afgelijnd. Hij of zij gaat het vonnis dus niet sturen, maar wel vaststellen of een bewering al dan niet klopt. Hoe precies of algemeen dat is, wordt doorgaans in overleg met de advocaten van beide partijen bepaald.

Van den Brande nuanceert dat ICT-kennis geen uitzondering is. “Als het gaat om het mengen van verf in een chemisch bedrijf, dan kent de rechter daar inhoudelijk ook niet alles van.”

Video’s embedden
Al kan het soms wel erg vreemd worden. Zo is er al een zaak voorgekomen waarbij een student werd aangeklaagd omdat hij een filmpje van een Belgische choreografe op zijn website had gezet. Uiteindelijk bleek het om een geëmbedde video te gaan, zoals je dat met YouTube-video’s kan doen.

“Maar op zo’n moment komt er de vraag of een embedded video een kopie is of niet en ben je vaak meer bezig met de technische achtergrond dan de juridische argumentatie, terwijl de beklaagde gewoon een filmpje op zijn website had geëmbed.” Aldus Van den Brande.

Foute of onbegrijpelijke uitspraken komen voor, maar het is geen structureel probleem. “Het is vaak een interessante taak voor de advocaat om een magistraat duidelijk te maken waar het over gaat. Al merk je het wel in het vonnis of de rechter interesse heeft in de materie,” zegt Criel.

“Veel hangt ook af van je advocaat,” zegt Van den Brande. “Als die gespecialiseerd is in informatica, gaat die het belang ervan ook beter kunnen uitleggen aan de rechter. Persrechter Buysse heeft zelf geen weet van dergelijke uitspraken. “Het is eerder een uitzondering.”

Printers uit de jaren tachtig
Als er al een structureel probleem is, dan is dat er vooral bij de informatisering van het gerecht. Of beter gezegd het gebrek eraan.

“Je laptop of tablet meenemen om een filmpje te tonen mag je niet zomaar. Je moet hiervoor toestemming vragen en dat krijg je niet altijd” zegt Van den Brande. “Dat de rechter een pc gebruikt mag je al helemaal vergeten. In het beste geval heeft de griffier een pc met een printer uit de jaren tachtig.”

Bijscholing
Al wordt er wel iets ondernomen. Zo is er het Instituut voor Gerechtelijke Opleiding (IGO) dat cursussen organiseert voor de magistratuur en zijn in totaal 12.000 personeelsleden.

Dat gaat enerzijds om cursussen Office en Windows 7, al is het wel de bedoeling dat er ook bijscholing wordt gegeven in verschillende richtingen, dus voor zaken rond software- of internetgeschillen.

Maar intussen blijft de digitalisering zelf wel achter. Van den Brande: “Een van de grote frustraties van advocaten is bijvoorbeeld dat je met een dagvaarding en een schriftelijke argumentatie altijd naar de rechtbank moet en daar een stempel moet laten zetten. Dat terwijl je zoiets even goed elektronisch kan indienen.”

“Een dossier bij de rechtbank is trouwens nog altijd een papieren dossier. Ik heb het al meegemaakt dat men een dossier fysiek kwijtspeelde en dan bestaat er geen elektronische versie die je snel even kan opvragen.”

De algemene tendens lijkt dat het in België niet perfect loopt en dat soms tot een vreemd vonnis kan leiden. Al blijft het eerder uitzonderlijk. Een complex ICT-geschil vraagt meer duiding van de advocaten en soms een vaststelling van een expert.

Maar ondanks het feit dat justitie op informaticavlak nog in de 20e eeuw zit, is er vaak wel een grote bereidwilligheid van zowel het parket als de magistratuur die zaken zo veel mogelijk laten belanden bij rechters die interesse of ervaring hebben met de materie.

Advertentie