Op het eerste gezicht is Twitter de meest overroepen internethype van de laatste jaren. De website – microblog moet ik eigenlijk zeggen – is niet veel meer dan een virtueel prikbord en bovendien spuuglelijk. Ook het aantal gebruikers is veel kleiner dan je zou denken. Hooguit honderdduizend in ons land, zo las ik ergens. Waarvan […]


Hoe heeft technologie een impact op je business?
Ontvang elke week het zakelijk IT-nieuws rechtstreeks in je inbox!



Op het eerste gezicht is Twitter de meest overroepen internethype van de laatste jaren. De website – microblog moet ik eigenlijk zeggen – is niet veel meer dan een virtueel prikbord en bovendien spuuglelijk. Ook het aantal gebruikers is veel kleiner dan je zou denken. Hooguit honderdduizend in ons land, zo las ik ergens. Waarvan er heel wat amper actief zijn. Dat is een fractie van de ruim half miljoen Belgen die wekelijks nog naar de kerk gaan. Het zal wel een foute vergelijking zijn, maar het zegt toch iets.

Als we die honderdduizend Twitter-Belgen vergelijken met Facebook, dan is deze laatste maar liefst dertig keer populairder. In tegenstelling tot Facebook is Twitter trouwens niet echt een ‘sociaal’ netwerk. Ik gebruik het zelf bijvoorbeeld vaak. Maar dan vooral passief: om mijn oor te luisteren te leggen als zogenaamde follower van anderen.

Zelf tweeten zoals dat heet, doe ik niet zo gek veel. Daarvoor zijn die maximale 140 karakters me toch iets te beperkt, en bovendien heb ik niet elke dag evenveel te vertellen.

In termen van media is Twitter overigens een ouderwets medium: beroemde mensen zenden uit, wij volgen ze. Het is net alsof je een sms stuurt naar je vrienden of achterban. Van rechtstreeks contact is nauwelijks sprake. Wie bijvoorbeeld persoonlijk in dialoog wil treden met Lance Armstrong is eraan voor de moeite. De man heeft maar liefst 2,5 miljoen volgers.

Lawaaimakers
Het is in dat misleidend gevoel van betrokkenheid dat voor bedrijven het gevaar schuilt. Het medium is klein, maar wordt bevolkt door lui die zoveel lawaai kunnen maken dat het er ver buiten te horen valt. Dat is verraderlijk.

Toen voormalig premier Yves Leterme dit voorjaar in volle onderhandelingsperiode op Twitter berichtte dat de Waalse Pijl toch wel een "knappe, spannende finale" kende, kreeg hij – om het in wielertermen te zeggen – de wind van voren. Leterme wilde een signaal uitsturen van ‘ik ben een gewone jongen zoals jullie’. Maar het kwam over als ‘politicus die in zijn zetel hangt en tv-kijkt terwijl het land in brand staat’.

Wie zegt wat?
Er is nog een andere reden om Twitter serieus te nemen: om te volgen wat anderen over je bedrijf vertellen. Of het nu de onbereikbare klantendienst van schoenenfabrikant Geox betreft of de plannen van ING met oudere klanten: people talk.

Deze zomer was Carglass, de hersteller van autoruiten, zelfs slachtoffer van ‘Twittercriminaliteit’. Iemand verspreidde op Twitter berichten in hun naam. Iedereen die op Twitter klaagde over Carglass, mocht gerechtelijke stappen verwachten, zo kon je lezen op de microblog. Dat veroorzaakte opschudding, eerst op Twitter zelf en later in de algemene media.

Alleen bleken de dreigementen dus vals. “Wij hebben er niets mee te maken”, reageerde een verontwaardigde Carglasswoordvoerder toen we hem met het voorval confronteerden. Iemand anders had de accounts NL_Carglass en FR_Carglass geregistreerd op Twitter en communiceerde doodleuk in naam van het bedrijf.

Het voorval wijst op de mogelijke impact van het medium. Want overroepen of niet, u houdt toch best een oogje in het zeil.