De Europese Commissie publiceerde maandag een "niet-vertrouwelijke" versie van haar argumenten om Intel in mei een boete van bijna anderhalf miljard dollar op te leggen. De volle vijfhonderd pagina’s zijn nu door iedereen te consulteren. Daarmee reageert de Commissie op Intels verwijten dat het onderzoek bevooroordeeld en onvolledig is. Intel moet die boete betalen […]

Advertentie

 

De Europese Commissie publiceerde maandag een "niet-vertrouwelijke" versie van haar argumenten om Intel in mei een boete van bijna anderhalf miljard dollar op te leggen. De volle vijfhonderd pagina’s zijn nu door iedereen te consulteren. Daarmee reageert de Commissie op Intels verwijten dat het onderzoek bevooroordeeld en onvolledig is.

Intel moet die boete betalen omdat ze hun positie hebben misbruikt om concurrenten te weren uit de markt voor "x86" CPU’s (central processing units). Het onderzoek en de daaruit voortvloeiende boete waren gebaseerd op klachten van Intels aartsrivaal AMD. Intel ging in beroep tegen de beslissing van het Europese Hof met als argument dat “bewijsmateriaal werd genegeerd of verkeerd geïnterpreteerd”.

Gisteren sloeg de Europese Commissie terug. In een uitgebreid persbericht verduidelijkte ze een aantal argumenten waarop de beslissing gebaseerd is. En ze heeft het document waarin de beslissing wordt geargumenteerd openlijk beschikbaar gesteld. Het document telt 518 pagina’s. 

Zo moet blijken uit een mail van een Lenovo-executive “dat Intel kortingen aan Lenovo heeft toegekend op voorwaarde dat Lenovo enkel Intel-chips zou gebruiken voor zijn notebooks.”

Uit een interne presentatie bij Dell moet dan weer blijken dat de kortingen van Intel aan Dell tussen 2002 en 2005 werden gekoppeld aan de belofte dat Dell in die periode voor geen enkel model zou overstappen naar AMD. Als ze dat wel deden, kon de reactie van Intel “ernstig en langdurig zijn, met impact op alle productlijnen”, zo zou in de presentatie te lezen zijn.

In diezelfde periode zou Intel ook aan HP de kortingen voorwaardelijk hebben toegekend. In dit geval mocht HP maximaal 5% van zijn CPU’s bij concurrent AMD afnemen. En bij Acer werden betalingen van Intel enkel verricht als Acer de lancering van een notebook met een AMD-processor zou uitstellen van september 2003 tot januari 2004. Die en vele andere voorbeelden moeten bewijzen dat de Commissie wel grondig te werk is gegaan. 

 

 

 

AMD had snel een reactie klaar: “Dit is de eerste keer dat Intel geconfronteerd wordt met publiek beschikbare bewijzen van hun illegaal gedrag, en het zal de laatste keer niet zijn. Ook in de lopende onderzoeken van het FTC en van de staat New York, en in onze eigen zaak tegen Intel zullen nog andere bewijzen opduiken dat Intel de wet heeft overtreden, en we zijn ervan overtuigd dat we onze rechtszaak tegen Intel, die in maart van start gaat, zullen winnen.”

Ook het antwoord van Intel liet niet lang op zich wachten: “Hier zit helemaal niets nieuws in. We zien opnieuw het vooroordeel doorschemeren dat we van dit onderzoeksteam intussen al gewend waren. Hier wordt zwaar gesteund op speculaties uit mails van medewerkers die eerder laag op de hiërarchische ladder staan en allesbehalve hebben deelgenomen aan de onderhandelingen waarvan sprake. Tegelijk hebben ze bewijzen genegeerd of geminimaliseerd van wat er echt is gebeurd, waaronder officiële documenten, geschreven verklaringen en getuigenissen onder ede van senior managers die wel de onderhandelingen hebben gevoerd bij de afspraken in kwestie.”

 

 

Advertentie