Hendrik van De Velde sprak op Infosecurity over "mobile guilt", een neveneffect van de mobiele generatie die nu collectief de arbeidsmarkt betreedt. Wat moet er gebeuren als we ons klaar willen maken voor "generatie M"?


Hoe heeft technologie een impact op je business?
Ontvang elke week het zakelijk IT-nieuws rechtstreeks in je inbox!



 

Zo’n 64 procent van werknemers tussen 18 en 34 jaar spendeert minstens één keer tijd aan een werkgerelateerde taak buiten de werkuren. Dat gebeurt meestal op een persoonlijk mobiel toestel dat ook voor professionele doeleinden wordt gebruikt. Het vervagen van de grenzen tussen baan en privé: het is een realiteit van de mobiele generatie.

 

Volgens Hendrik Van De Velde, country manager van MobileIron Belux, kunnen Belgische bedrijven zich maar beter voorbereiden op de komst van “generatie M”. MobileIron onderzocht hoe de nieuwkomers op de arbeidsmarkt omgaan met mobiele toestellen op het werk. Hun conclusies waren frappant: niet alleen werkt meer dan de helft van de ondervraagden weleens buiten de werkuren, 82 procent laat ook weten zich minstens één keer gedurende de werkdag met een privétaak bezig te houden via een mobiel toestel.

Flexibiliteit

“Die jonge mensen zijn opgegroeid met smartphone; ze zijn een bepaalde technologie en een bepaalde werkwijze gewend,” legt Van De Velde uit. Hij geeft zelf het voorbeeld van zijn dochter: studeren doet ze via haar smartphone, terwijl vragen op studiegenoten kunnen worden afgevuurd via het chatvenster dat voortdurend paraat staat. De aankomende werkkrachten hebben al jaren studies en privé gecombineerd op hetzelfde toestel: ze kennen niet anders.

 

“Het moet duidelijk zijn dat die generatie voor de deur staat. We moeten er daarom voor zorgen dat ze productief kunnen werken, door te onderzoeken hoe ze werken. Dat gaat bijvoorbeeld over multitasken, efficiëntie of het gebruik van verschillende communicatiekanalen. Als we ze niet voldoende flexibiliteit aanbieden, is de kans groot dat ze het bedrijf verlaten. Je moet daar iets mee doen als organisatie.”

Schuldgevoel

Die nieuwe werkwijze heeft enkele verrassende gevolgen. Ongeveer 60 procent leidt aan “mobile guilt”, een schuldgevoel dat voortkomt uit het checken van persoonlijke zaken op het werk, en vice versa. De duidelijke scheiding tussen een professioneel en privéleven is veranderd in een onduidelijke overgang, en het is die onduidelijkheid die voor spanning zorgt. “Ze vragen zich af of het wel toegelaten is en of het al dan niet bestraft wordt. Die schuld is niet productief,” verklaart Van De Velde.

 

Volgens hem moeten bedrijven daarom in heldere taal uitleggen wat kan en wat niet, als ze compatibel willen zijn met generatie M. “Communiceer wat toegestaan is, maak afspraken en zorg dat ze de tools krijgen waarmee ze gewend zijn om te werken. Want door te communiceren kan je die mobile guilt wegnemen.”

Security en privacy

Een tweede belangrijke luik bij de omschakeling naar een nieuwe werkwijze is veiligheid. Een mobiel toestel dat zowel voor werk- als privédoeleinden wordt gebruikt, betekent een gevaar voor de achterliggende infrastructuur. Via een smartphone kan namelijk ook het bedrijfsnetwerk besmet worden met malware, of kunnen gevoelige gegevens gekaapt worden.

 

Dat komt omdat er een discrepantie is tussen de beveiliging van de kleinere, mobiele eindgebruikerstoestellen, en de cruciale bedrijfsinfrastructuur. Logisch, maar met de mobiele revolutie wordt de beveiliging van eindgebruikerstoestellen steeds belangrijker.

 

“Een gesloten systeem is niet meer haalbaar. Die tijd is voorbij; alles zit online. Om dat op een goede manier te beveiligen, moet je ervoor zorgen dat je weet wie de gebuiker is, of hij het juiste toestel gebruikt. Op het MobileIron-platform bijvoorbeeld is het mogelijk om enkele veilige apps te isoleren. Neem bijvoorbeeld de Salesforce-app. Wanneer je probeert in te loggen, controleert de app via MobileIron of de gebruiker gerechtigd is. We trekken dan de identiteit van de gebruiker na, via bijvoorbeeld een persoonlijke code, checken of het verzoek van het juiste toestel afkomstig is, en of de app veilig is,”  verduidelijkt Van De Velde.

 

Bovendien is niet enkel security, maar ook privacy een belangrijk punt. Er moet ook duidelijk worden gemotiveerd welke gegevens het bedrijf kan inkijken, merkt hij op. Werknemers uit generatie M hebben sterke verwachtingen rond privacy, en er is daarbij een vertrouwenskloof tussen werknemer en IT-afdeling.

Mobiel

Bedrijven kunnen de mobiele generatie kortom tegemoet komen met een heldere communicatie, het aanbieden van bekende tools en de garantie van veiligheid en privacy. “Daar draait het eigenlijk om, het bedrijf moet duidelijkheid scheppen over de mogelijkheid om mobiel te werken. Ze moeten natuurlijk toelichten dat het geen verplichting is, maar ook beseffen dat hun toekomstige werknemers zo zijn opgegroeid en echt wel mogelijk maken.”