[Analyse] Steeds complexere IT-omgevingen maken van het licentiebeheer van je applicaties een onnodig complex werk. Een beter beleid van softwareproviders is één oplossing, een overstap naar open source een andere.


Hoe heeft technologie een impact op je business?
Ontvang elke week het zakelijk IT-nieuws rechtstreeks in je inbox!



 
Immer innovatief surfte je mee op de recentste transformatiegolf, en verhuisde je de nodige toepassingen van on-premise hardware naar de publieke cloud. De virtuele machines draaien op volle toeren, de applicaties die je er op wil zetten nog niet. Is het een optie om de lokale softwarelicenties te herbruiken in een virtuele machine (VM)?  Als je een VM van één gebruiker offline haalt en die van de ander online komt, wat is dan de impact op de licentieovereenkomst? Hoe zit het met softwarelicenties van een recent overgenomen dochteronderneming? Wat als je een redundante cloudomgeving wil opzetten voor disaster recovery? Moet je alle licenties dan dubbel betalen? En wat als je om de één of andere reden de samenwerking met een softwarepartner wil stopzetten?
 

Licentieboekhouder

Het beheer van licenties is bijna een fulltime job voor wie veel toepassingen bij veel fabrikanten gebruikt. De overeenkomsten zijn vaak bijzonder complex, vaag en kunnen éénzijdig gewijzigd worden. Wat voor licentie waar van toepassing is, verschilt per softwareprovider, en al te vaak doen zijn niet zoveel moeite om alles duidelijk te maken. Steeds vaker wordt licentiebeheer daarom uit handen gegeven. Net zoals een goede boekhouder zijn loon terug verdient door op een slimme manier met je geld om te gaan, kan een goed licentiebeheer je heel wat kosten uitsparen.
 
Dat licentieovereenkomsten vaak ingewikkeld zijn, maakt het nodeloos moeilijk voor bedrijven om zich zo efficiënt mogelijk te organiseren. Een grote meerprijs voor de mogelijkheid om aan disaster recovery te doen met een B-site waarop de hele infrastructuur gespiegeld draait, klinkt immers niet aannemelijk.
 
Bovendien voelt het hele licentiemodel vandaag verstikkend aan. Langs de kant van de softwareprovider is het uiteraard logisch dat gebruikers betalen voor de noeste arbeid die in de code is gekropen, maar langs de kant van de gebruiker lonken alternatieven.
 
Dat open source-software aan een flinke opmars bezig is, hoeft dan ook niet te verwonderen. Red Hat groeit exponentieel met onder andere OpenStack, terwijl giganten als Amazon in de Cloud Native Computing Foundation stappen. Microsoft en Intel zetten met Coco dan weer een raamwerk in voegen dat in de loop van volgend jaar open source moet worden.
 

Oneindig gebruiksrecht

Open source-software heeft veel voordelen, maar het belangrijkste van allemaal is misschien wel het gebrek aan licenties. Draai je bijvoorbeeld OpenShift of OpenStack van Red Hat en besluit je om de samenwerking stop te zetten, dan valt alleen de ondersteuning van Red Hat weg. De software kan je blijven gebruiken. In de praktijk is zoiets niet haalbaar, maar het toont het ideologische verschil met klassieke softwaremodellen.
 
Licentiemiserie is misschien de katalysator om naar open source te kijken. Al snel worden bijkomende voordelen duidelijk. Gedaan met security through obscurity: een praktijk waarvan we al lang weten dat hij niet werkt. Open source-broncode is per definitie openbaar en wordt zo op de rooster gelegd door een hele gemeenschap van enthousiaste kenners. Eventuele lekken worden snel gevonden en gedicht.
 
Bovendien ben je niet afhankelijk van één specifieke aanbieder. Word je open source-oplossing ondersteund op platformen van verschillende publieke cloudproviders, dan kan je snel tussen die verschillende providers wisselen. Het gevaar van een ‘lock in’ is zo goed als onbestaande.
 
Natuurlijk bestaat er niet voor ieder soort applicatie een opensource-alternatief. Sommige softwareproviders zijn in realiteit incontournable. Een eenduidiger licentiemodel zou in dergelijke gevallen al heel wat kunnen helpen.
 

Middenweg

Ook daar is gelukkig goed nieuws. Intug, een overkoepelende organisatie van bedrijven actief met IT, publiceerde in april al een lijst met richtlijnen rond licenties. De lijst werd opgesteld in samenwerking met providers en gebruikers in verschillende Europese landen, waaronder ook België. Een duidelijk licentiesysteem waarin verstaanbare taal gebruikt wordt staat voorop, maar de richtlijnen komen ook tegemoet aan andere pijnpunten zoals absurde licentieprijzen bij disaster recovery.
 
Er is beterschap in zicht. We merkten eerder al dat bedrijven al dan niet onder druk terugkomen op draconische voorwaarden. Denk aan SAP dat zijn klanten wilde beboeten, of Microsoft dat zijn Windows Server-licenties een stuk flexibeler maakte.
 
Een middenweg is zoals altijd ideaal. Idealiter blijft opensource het goed doen, zodat de druk op bouwers van eigen software vergroot. Dat kan zorgen voor een transparantere en flexibelere prijsstrategie. Zo kan uiteindelijk iedereen de software gebruiken die hij nodig heeft zonder dat hij moet vrezen dat de kleine lettertjes zijn zaak onderuit zullen halen.